Kijk het webinar Interaction Design terug: spreker-georiënteerd vs. deelnemer-centraal

Dit webinar, gegeven door Hans Etman (dagvoorzitter.nl), helpt je om bijeenkomsten te veranderen: van spreker-georiënteerd naar deelnemer-centraal. Hans legt uit hoe interactie-formats je traditionele bijeenkomsten leuker, actiever en waardevoller maken. Je leert welke mogelijkheden je hebt en hoe je die toe kunt passen.

Datum: 4 september 2019

Spreker: Hans Etman van dagvoorzitter.nl

Vragen en antwoorden

Is gezellig samenzijn niet ook een doel van een bijeenkomst?
Gezellig samenzijn is inderdaad een subdoel. Op het moment dat jij wilt dat men zich goed voelt, heeft het waarschijnlijk ook een dieper liggend doel: betere samenwerking bijvoorbeeld of het loslaten van stress van een net afgerond project of het leren kennen van nieuwe mensen of juist van eigenschappen van mensen die je al langer kent. Zodat je een van die vier doelen in het rijtje kennis, vaardigheid attitude en netwerk ook gaat bedienen. Dat is een veelgehoorde reden om iets te organiseren: gewoon gezellig samenzijn, en dat heeft dus vaak een dieper liggend doel waarnaar je van tevoren kunt zoeken.

Moet je niet altijd een voorstelrondje doen, al is het uit beleefdheid? 
Nee, doe geen kennismakingsronde of voorstelrondje; dat kost veel tijd en mensen vergeten minstens de helft van wat ze daar horen en het is daardoor niet effectief. Vaak duren workshops maar kort en dat is het veel effectiever om deelnemers te leren kennen aan de hand van wat zij zeggen, vragen of doen in die workshop. Door de inbreng die mensen hebben in de workshop leer je ze kennen. 

Wat doe je als een beoogde gedragsverandering veel weerstand oplevert?
Mensen hebben de neiging om vast te houden aan het oude en bekende. Een gedragsverandering is iets nieuws en mensen weten nog niet wat dat oplevert. Wat daarbij goed helpt is het beoogde doel heel duidelijk schetsen, samen met de aanleiding: Waarom is het noodzakelijk dat we nu iets doen aan de oude situatie (urgentie en belang) en wat levert het ons op als we een nieuwe situatie creëren? Misschien helpt het je ook om de term gedragsverandering als zodanig ook niet te gebruiken, maar om te benoemen wat de winst is van de bijeenkomst of wat na de bijeenkomst makkelijker gaat.

Omgaan met weerstand is een vak apart. In een veranderproces kun je een aantal instrumenten inzetten, waarbij een bijeenkomst een van de krachtiger tools is. Maak zo’n bijeenkomst dan ook nooit een eenzijdige uitzending van goede bedoelingen en plannen, maar maak het altijd interactief. Met voldoende ruimte en gelegenheid in het programma om deelnemers de kans te geven hun bezwaren te uiten, naar anderen te luisteren en vragen te stellen. Het kost tijd en moeite om het oude los te laten en met open blik naar het nieuwe te durven kijken.

Hoe krijg je mensen in beweging?
Door te beginnen met interactie. Dus geef deelnemers niet de kans om in de ‘consumeerstand’ te raken, maar betrek ze meteen op een actieve manier bij je workshop.

Wat moet je doen als de verwachtingen van deelnemers heel verschillend zijn?
Maak aan het begin van je workshop duidelijk wat het beoogde doel is en hoe je daar gaat komen. Als dat niet aansluit bij de verwachtingen van je deelnemers, zitten ze misschien in de verkeerde workshop. 

Door af te stemmen op het kennisniveau en de behoefte van je deelnemers kun je je accenten op de meest gewenste delen van de workshop leggen; dus een beetje minder aandacht voor het ene onderdeel en wat meer aandacht voor een ander onderdeel. 

Bij sterk verschillende kennisniveaus kun je best mikken op de algemene kennisbehoefte en dan uitstapjes maken naar een verdieping met meer detail. Mikken op een gemiddeld niveau levert nooit het gewenste resultaat op, omdat mensen die het niet kunnen volgen afhaken en niet terugkomen. Mensen die het allemaal al weten daarentegen, haken tijdelijk af en zullen weer aanhaken als het niveau verdiept. 

Bij tegengestelde verwachtingen door tegengestelde belangen kun je een balans proberen te vinden door beide belangen steeds aandacht te geven.

Hoe ga je om met deelnemers die veel meer weten dan anderen en dat ook laten merken?
Deze mensen kunnen een grote stoorzender zijn als je ze niet goed bedient. Of juist van grote waarde voor je workshop als je ze erkent als deskundig en een rol geeft. Vraag hen bijvoorbeeld eens om een voorbeeld of om een oplossing. Vooral aan het begin van je workshop zullen ze zich laten horen. Luister dan goed naar ze en vraag eventueel ook specifiek naar hun verwachting van de workshop. Door ze niet te negeren, maar juist af en toe in te zetten hebben deze deelnemers minder de neiging zich te profileren en heb je er meer plezier dan last van.

Hoe ga je om met mensen die iets moeten zeggen in je workshop?
Reserveer het begin van je workshop voor interactie en afstemming. Als er iemand iets moet zeggen in je workshop, laat die persoon dan op het juiste moment even aan het woord vanuit de zaal door ze een vraag te stellen. Hou zelf de leiding over gesprek en proces in je workshop.